Gecontroleerd anarchisme

Pasted Graphic
Het gaat mij om een sociaal proces. De mens heeft een onvermogen tot communiceren en door zoveel open te laten dwing ik de spelers tot overleg. De momentgebonden interactie bepaalt de uiteindelijke vorm van het stuk. Ik ben slechts een regisseur op afstand: ik lever enkel de bouwstenen.
– Simeon ten Holt –


In Canto ostinato beslissen de spelers zelf of ze bepaalde secties willen herhalen—en hoeveel keer ze die willen herhalen. Andere secties zijn bedoeld als brug en mogen maar één keer worden gespeeld.

Als musicus beslis je met elkaar en op het moment zelf wanneer je naar een volgende sectie gaat. Maar ook de speelmanier (staccato, marcato, legato), de dynamiek (piano, mezzoforte, forte) en zelfs de keuze van motieven en hun alternatieven worden door de spelers bepaald.

Ter plekke dus. Dat betekent goed luisteren naar elkaar en al spelend tot overeenkomsten komen. Alsof je met elkaar in gesprek bent.

Zo klinkt Canto steeds weer anders: niet alleen lopen de tijdsduren van diverse uitvoeringen enorm uiteen—ook in de vorm gedraagt het werk zich als een soort harmonica in de tijd. Het stuk is een blokkendoos: de uitvoerenden bepalen tijdens het spelen wanneer ze overgaan naar een volgende sectie, of wanneer ze die herhalen.

Dat is helemaal in de geest van de minimal music: musiceren alsof je in een band speelt. Niemand is de baas, beslissingen worden gezamenlijk genomen—een gecontroleerd anarchisme dat bij uitstek past bij kleine groepen.

Omdat de vrijheid in het DNA van Canto zit, wil ik die ook vertalen naar mijn versie voor orkest. Zo wil ik dat secties en subgroepen zelf beslissingen nemen—binnen de oevers van wat mogelijk is met zo'n grote groep. Daar schrijf ik een volgende keer meer over.

Die keuzevrijheid betekent bij Ten Holt geen ‘anything goes’. Ten Holt ergerde zich aan uitvoeringen die de geest van het werk niet respecteerden: “Zo zelfs dat ik bepaalde interpretaties niet meer als mijn stuk beschouwde. Ik werd bijvoorbeeld wel boos toen ze van de melodiepassage een soort fuga gingen maken. Stilwiderlich noem je dat in het Duits, het hoort niet in de stijl thuis. Net alsof je middeleeuwse muziek met Mozart combineert. En dan is er ook een uitvoering op cd waarop maar de helft van Canto ostinato wordt gespeeld, met voor de smulpapen aan het slot nog even die melodiepassage. Dat vind ik degoutant, teveel op de verkoop gericht.”
(Anthony Fiumara)